Mensenhandel in Nederland – Weten wat te doen

Goed meten is weten wat te doen” is de quote waar het rapport van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel mee start. In de eerste post over dit rapport liet ik al zien dat de Rapporteur er niet in slaagt goed te meten. Maar hoe zit het met weten wat te doen?

Om goed in te grijpen tegen mensenhandel is het van belang om onderscheid te maken tussen vrijwillige prostitutie en mensenhandel. We willen het criminelen moeilijk maken om mensen uit te buiten en tot tot arbeid te dwingen, en we willen slachtoffers van dit soort praktijken zo effectief en menselijk mogelijk hulp bieden.

Het barrièremodel
Mensenhandelaren het zo moeilijk mogelijk maken, dat is het doel van het barrièremodel. Het gaat dan om de barrières op het gebied van entree/identiteit, huisvesting, arbeid en financiën. Door het voor mensenhandelaren ingewikkelder te maken vrouwen aan het werk te zetten in de prostitutie zou mensenhandel afnemen. De Rapporteur is van mening dat dit model heel zinnig is, en stelt voor het uit te breiden.

Zo blijkt uit deze paragraaf dat een aantal slachtoffers dat in Nederland is geronseld, via internet in contact is gekomen met een ronselaar. Het creëren van barrières op internet
is dus relevant. (bladzijde 152)

Ronselen is het woord de Rapporteur gebruikt voor alle manieren waarop sekswerkers de prostitutie in gaan, een ronselaar is iedereen die een sekswerker hierbij helpt. Het barrièremodel betekent in de praktijk dat het prostituees heel moeilijk wordt gemaakt om te werken. De wetgeving en regelgeving rondom sekswerk wordt steeds ingewikkelder, de controle steeds strenger en er zijn plannen om sekswerkers zelfs te gaan registreren. Realiseer je wel, prostitutie is een omstreden beroep wat het een kwetsbare groep maakt. Als mensen er achter komen dat je sekswerker bent zorgt dat vaak voor problemen. Mensen verliezen hun andere baan (als secretaresse of kinderjuf), mensen verliezen hun vrienden en familie, ze krijgen gedonder met buren en kennissen, Jeugdzorg kan zich met je kinderen gaan bemoeien. Sekswerkers verbergen zich vanwege het stigma graag een beetje, maar de Rapporteur zou bijna zien dat ze allemaal met ‘geprostitueerde vrouw’ op hun voorhoofd rondliepen.

Het opmerkelijke is dat het barrièremodel er juist voor zorgt dat veel sekswerkers afhankelijk zijn van helpers, zeker sekswerkers die uit het buitenland komen en hulp nodig hebben bij papieren en huisvesting. De prostitutievergunningen zorgen er voor dat sekswerkers een afhankelijke positie hebben naar hun exploitant, want alleen de exploitant heeft een prostitutievergunning. Je werkt misstanden in de hand.

Zo blijkt dat een substantieel deel van de Midden- en Oost- Europese verdachten
als vervoerder van het buitenland naar Nederland opereert. Dezelfde groep verdachten regelt ten opzichte van de andere verdachten vaker de noodzakelijke documenten (zoals een werkvergunning) voor de slachtoffers. (bladzijde 167)

Het is een vrij bizarre situatie. De interventies van de overheid zorgen er voor dat sekswerkers er zelf niet meer uit komen, en als ze daar hulp voor inschakelen wordt dat mensenhandel genoemd en worden de interventies aangescherpt, zodat sekswerkers nog meer hulp nodig hebben om te kunnen werken, wat we dan een toename van mensenhandel noemen!

Maar uit het jurisprudentieonderzoek van de Nationaal rapporteur lijkt het er ook niet op dat een mensenhandelaar doorgaans in crimineel samenwerkingsverband opereert (bladzijde 132)

Politieinvallen
Door prostituees zelf worden het razzia’s genoemd, de Rapporteur vindt het ook geen probleem deze term te gebruiken. Met 300 man politie vallen ze dan een bordeel binnen (in Alkmaar met 500), slaan heel de boel aan gort, de vrouwen en alle andere aanwezigen worden in een arrestantenbus gegooid en meegenomen (bladzijde 38, razzia’s in Eindhoven). Ondertussen stappen ze eventueel ook nog je huis binnen om alles kapot te slaan en je spullen te jatten (ontnemingsmaatregel noemen ze dat, want je bent natuurlijk slachtoffer dus het geld is afkomstig van criminele activiteiten. Moeten we meer doen vindt de Rapporteur, bladzijde 221). Je wordt niet gearresteerd want je bent slachtoffer, maar je mag ook niet weg. Je wordt ondervraagd over drugs, pooiers, geweld en uitbuiting, gepaaid met verhalen over schadevergoedingen (bladzijde 213) als je maar een dader aanwijst en braaf slachtoffer bent. De intimidatie kan een hele nacht doorgaan. Niet alleen ontzettend eng, het is ook nogal een inbreuk op je leven wanneer je plots van je werkplek gelicht wordt en een ondervraging krijgt. Arrestaties vinden er gewoonlijk niet plaats, want mensenhandel komt nauwelijks voor, maar het wordt goedgepraat met het idee dat ze op deze manier ‘zicht krijgen’ op de prostitutie.

Niet luisteren
Vooral niet naar de sekswerkers luisteren, dat is wat de Rapporteur ons op het hart drukt. We moeten er niet van uit gaan dat vrouwen die “bevrijd [zijn] uit
de handen van de mensenhandelaar” uit vrije wil kunnen handelen (bladzijde 160) en hun woorden hoeven we dan ook niet te serieus nemen. Dat vrouwen zichzelf niet als slachtoffer zien en niet mee willen werken aan vervolging is gewoon een teken dat ze verschrikkelijk onder controle hebben gestaan van een mensenhandelaar.

‘Het idee dat een ‘bevrijd’ slachtoffer opnieuw beschikt over een vrije wil en direct kan
besluiten om mee te werken aan het opsporingsonderzoek staat mogelijk haaks op de controle die het slachtoffer heeft ondervonden tijdens de uitbuitingssituatie’. Bij de bepaling van het moment van het opnemen van aangiften dient hiermee rekening te worden gehouden. Medewerkers in de opvang, maar ook behandelaars kunnen hierin een rol vervullen door de opties te verkennen waarin zij vermoedens hierover door kunnen spelen aan de politie. De politie kan daarop besluiten de aangifte uit te stellen met het doel om in een later stadium te komen tot een kwalitatief betere aangifte. (bladzijde 160)

Niet naar sekswerkers luisteren is een advies wat je in het gehele rapport door herhaald ziet worden. Ze zijn slachtoffer of ze willen of niet, en als ze niet direct toegeven dat ze slachtoffer zijn dan geven we een verklaring van slachtofferschap en proberen de vrouw met dreigingen en beloftes (waaronder verblijfsvergunningen en schadevergoedingen) zo ver te krijgen dat ze een toch mee werkt. Dat dit zelden leidt tot vervolging ligt voor de hand, maar we hebben wel weer een groter aantal verdachten. Staat weer leuk in de rapporten.

Weten wat te doen bestaat volgens de Rapporteur vooral uit het werk van prostituees moeilijker maken, prostituees lastig vallen en prostituees negeren wanneer ze over hun ervaringen praten. Hiermee maakt ze de positie van prostituees zwakker, waardoor zij kwetsbaarder zijn voor uitbuitingssituaties. Onze aanpak van mensenhandel lijkt precies het probleem te veroorzaken wat we proberen te bestrijden.

Verkeerd meten en een flauw idee hebben wat te doen. Maar wat moeten we dan wel doen? In deel drie van deze serie kom ik met concrete aanbevelingen voor de aanpak van mensenhandel.

2 thoughts on “Mensenhandel in Nederland – Weten wat te doen

  1. Frans van Rossum

    1. Er is een oud Hollands spreekwoord wat zegt: “Wie een hond wil slaan vindt licht een stok.” Dat is er niet zomaar gekomen. Het slaat op allerlei omstandigheden maar slaat momenteel wel heel goed op de prostitutie-en-mensenhandel situatie, hier met name op (het bureau van de) Nationaal Rapporteur Mensenhandel.
    2. De Rapporteur Mensenhandel is onlosmakelijk verbonden aan het hele prostitutiebeleid van Nederlandse overheden. In het rapport van prof. Henk Wagenaar en anderen dat nog geen jaar geleden verscheen wordt dit beleid als “Moreel Beleid” (Morality Politics) gekwalificeerd. Het zegt: “The attempt to define prostitution policy does show however that it is impossible to discuss it without occupying a particular moral position. In other words there is no neutral ground from which to discuss prostitution.” En verder: (1) Morality policy is ruled by ideology; (2) Moral policy is lay policy; (3) Morality politics is emotionally charged; (4) Morality policy is resistant to facts; (5) A fifth characteristic of morality policy is a certain impatience with policy implementation; (6) morality policies are vulnerable to abrupt and drastic change.” (http://issuu.com/platform31/docs/p31_prostitution_policy_report)
    Bij mijn weten zijn (politieke) beleidmakers niet ingegaan op dit rapport en de vele zinnige aanbevelingen, en is of wordt er geen poging gedaan om het beleid navenant aan te passen. De redenen daarvoor zijn precies de redenen die Wagenaar in dit hoofdstuk Morality Politics aankaart!

    3. Prostitutie en Mensenhandel is een autonome spin-off industrie van de sexindustrie geworden, zoals ook de Rescue Industry. Het betekent intussen veel en goed betaald werk voor een substantieel aantal mensen. Nu er eenmaal een bureau Nationaal Rapporteur Mensenhandel bestaat is, zijn de mensen daar uiteraard gemotiveerd door het fenomeen Mensenhandel. Ze zouden hun raison d’etre (inkomen) kunnen verliezen als het fenomeen niet blijkt te bestaan, of niet in de mate waarin “men” luidkeels zegt dat het bestaat (zie Morality Politics). Belangrijk is zeker dat de overheid ernstig gezichtsverlies zou lijden als het zou moeten worden ingekrompen of helemaal opgeheven. Overheden maken toch nooit beleidsfouten, althans geven dat toch nooit toe?! Op termijn wordt beleid hooguit aangepast. Omdat “Mensenhandel” gevoelsmatig zo lekker ligt, verwacht ik dat we nog jaren professioneel ondeugdelijke en sociaal in alle opzichten schadelijke rapporten van de Mensenhandel Rapporteur tegemoet kunnen zien, al was het alleen maar om de werkgelegenheid in stand te houden. Het verbeteren van de positie van prostituees en het legale beroep prostitutie waar het zogenaamd allemaal om te doen is telt voor het gemak eenvoudigweg niet mee en heeft vermoedelijk nooit meegeteld. Een vicieuze cirkel waar in elk geval de hoog opgeleide en academisch gevormde “intellectuelen” aan de top zich professioneel diep voor moeten schamen. Morality Politics is “Wie een hond wil slaan vindt licht een stok,” een belediging van gezond logisch verstand en van wetenschap. .

    Reply
  2. xdwitt

    Je schrijft het weer heel duidelijk op. Ik kan me niet voorstellen dat mensen dit niet als grove onderdrukking zien. De rechten van de prostituees worden compleet van tafel geveegd. Als je dit vertaald naar elke andere tak van werk dan zou de storm van kritiek niet van de lucht zijn. Ik ben zeer benieuwd naar je volgende stuk.

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published.